Klachten & Symptomen
Na een borstreductie kan de borst op bepaalde plekken hol of ingevallen ogen, vooral in het decolleté. Dit kan ontstaan door de hoeveelheid weefsel die is verwijderd of door de manier waarop het resterende borstweefsel zich na de operatie heeft gepositioneerd.
Ook lichte asymmetrie tussen de linker- en rechterborst komt voor. Absolute symmetrie is bij borsten zeldzaam, ook van nature. Wanneer het verschil in vorm of volume na de ingreep duidelijk zichtbaar is, kan dit als hinderlijk worden ervaren.
Daarnaast kan de overgang tussen borst, borstkas, decolleté of oksel onregelmatig aanvoelen. Door op gerichte plekken kleine hoeveelheden vet in te brengen, kan de contour vloeiender worden gemaakt.
Oorzaken
De klachten waarvoor lipofilling wordt ingezet, zijn meestal een normaal gevolg van een borstreductie en geen teken van een mislukte ingreep. Bij een borstreductie wordt klier-, vet- en huidweefsel verwijderd. De manier waarop het resterende weefsel zich na de operatie herstelt, is niet altijd volledig voorspelbaar. Mogelijke factoren zijn:
- Hoeveelheid verwijderd weefsel
- Huidkwaliteit en huidelasticiteit
- Littekenvorming
- Gewichtsveranderingen na de ingreep
- Natuurlijke asymmetrie